Bjorn Vlokhoven

Alles over cognitieve gedragstherapie

Gedragstherapie is ongeveer eind jaren vijftig van de twintigste eeuw ontstaan en is deels voortgekomen uit het behaviorisme. Primair beperkte de klassiek behavioristen zich uitsluitend tot stimulus-responsrelaties, oftewel de klassieke conditionering bekend van onder andere Ivan Pavlov en de operante conditionering bekend van Burrhus Frederic Skinner. Laatstgenoemde is een belangrijke inspiratiebron geweest voor het ontwikkelen van verschillende therapeutische interventies. Bijvoorbeeld, het belonen van gewenst gedrag en het negeren van ongewenst gedrag. In de behandelkamer kun je dat goed terugzien in het focussen op het gewenste gedrag van de cliënt en minder op het ongewenste gedrag.

Klassiek behavioristen onderzochten de relatie tussen objectief meetbare stimuli en observeerbaar gedrag, waarbij het bestuderen van cognitie als onwetenschappelijk werd beschouwd. Cognitie werd door de behavioristen ook wel gezien als niet direct waarneembare factoren die mediëren tussen de objectief meetbare stimuli  en het observeerbaar gedrag. 

Vanaf de jaren 70 is gedragstherapie minder theoretisch en meer praktisch geworden. Er werd niet meer primair gekeken naar het theoretisch uitgangspunt, maar er werd uitgegaan van wat praktisch bleek te werken in de behandeling. Bij behandelingen Hierdoor kwam er ook geleidelijk aan meer ruimte voor cognitie. 

Albert Ellis en Aaron Temkin Beck zijn de grondleggers van de cognitieve therapie. Men ging ervan uit dat foutieve cognitieve interpretaties ten grondslag liggen aan veel soorten psychopathologie. In het kort impliceren de cognitief therapeuten dat een correctie van onderliggende disfunctionele interpretaties desbetreffende psychopathologie kan verhelpen. 

Tot op heden is de cognitieve therapie van Aaron Temtin Beck het meest invloedrijke model binnen de cognitieve therapie. Het cognitieve model van Aaron Temtin Beck stelt dat emotionele reacties afhankelijk zijn van de wijze waarop gebeurtenissen worden geïnterpreteerd. 

Cognitieve gedragstherapie is een combinatie van cognitieve therapie en gedragstherapie. In de praktijk bleek namelijk dat cognitief therapeuten gebruik maakte van gedragsverandering om te komen tot cognitieve veranderingen. Ook gedragstherapeuten maakte in de praktijk niet alleen gebruik van gedrag, maar besteedde in de therapie ook ruimte voor het weerleggen van disfunctionele gedachten. Door beide therapievormen wordt hetzelfde doel nagestreefd namelijk het verwerven van nieuwe en meer functionele kennis over de wereld, de ander en zichzelf. De integratie van cognitieve therapie en gedragstherapie komt het best tot zijn recht in de ontwikkelde en wetenschappelijk onderzochte evidence-based behandelingen.

Evidence-based behandelingen zijn behandelingen die zijn  onderzocht binnen een specifieke groep cliënten met een zelfde DSM-classificatie. De theoretische en methodische uitgangspunten zijn bij evidence-based behandelingen niet bepalend voor de behandeling, maar juist de mate waarin een bepaalde interventie succesvol is gebleken in het reduceren van klachten bij een grote groep cliënten met overeenkomstige kenmerken.  Met cognitieve gedragstherapie streeft men om uitsluitend behandelingen toe te passen waarvan de effectiviteit in gecontroleerd onderzoek is aangetoond. 

Het begint bij de basis en dat is een wo-opleiding of een gelijkwaardige master/doctoraal binnen de psychologie, pedagogische wetenschappen, gezondheidswetenschappen of geneeskunde. Bij Vlokhoven Trainingen & Workshops hechten we veel waarde aan het toegankelijk maken van onderwijs. Onze cursussen zijn namelijk zo ontwikkeld dat ook studenten in de masterfase welkom en gebaat zijn bij het volgen van onze basiscursus cognitieve gedragstherapie.

In deze cursus maak je kennis met de cognitieve gedragstherapie. Je leert meer over de CGt- denk en werkwijze en het CGt-proces. Je leert als het ware om te kijken door een CGt bril bij het behandelen van je cliënten. Het merendeel van de cursisten bij Vlokhoven Trainingen & Workshops merkt na de basiscursus dat ze meer zelfvertrouwen hebben om cognitieve gedragstherapie uit te voeren op het werk. Men is meer bewust bekwaam en bewust onbekwaam door de opgedane theoretische kennis en de oefeningen tijdens de cursus. Een leuke bijkomstigheid is de vrijstelling die men krijgt voor de gz-opleiding als je binnen 8 jaar na het volgen van de basiscursus cognitieve gedragstherapie de gz-opleiding gaat doen. 

Als je voldoet aan de opleidingseis (wo-opleiding), de basiscursus cognitieve gedragstherapie hebt gevolgd en voldoet aan de werksettingseis, kun je er voor kiezen om je in te schrijven in het register van het VGCt als Cognitief Gedragstherapeut in opleiding. Raadpleeg voor de meest actuele eisen de website van het VGCt. Het voordeel hiervan is dat je vanuit het VGCt toegang krijgt tot het PE-portfolio en het PE-dossier waarin jij en/of de opleider opleidingsonderdelen kan toevoegen in het kader van jouw opleidingstraject. Bijvoorbeeld vervolgcursussen, leertherapie, supervisie en je N=1 verslag.

Opleidingstraject Cognitief Gedragstherapeut

Heb jij na het lezen vragen omtrent een basiscursus cognitieve gedragstherapie kijk dan eens op onze pagina met de meest actuele opleidingen.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar top